Suitcase Souvenirs Japan Nikko
Japan

Tips voor een geslaagde daguitstap naar Nikko

Met z’n vele tempels in heuvelachtige bossen vormt Nikko een waar openluchtmuseum. Op zo’n twee uur met de trein van Tokyo sta je midden in een stukje Japanse geschiedenis. UNESCO werelderfgoed én prachtige natuur: Nikko is ideaal als daguitstap om te ontsnappen aan de rush van de hoofdstad.

Niet voor niets wordt Nikko jaarlijks door duizenden reizigers en Japanners bezocht. Naast Kyoto en Nara zijn er weinig andere plekken in Japan waar je meer tempels bij elkaar vindt als hier. Uiteraard betekent dat ook dat het hier heel druk kan worden waardoor de spiritualiteit van de plaats helaas snel in het niets kan verdwijnen. Zeker tijdens weekends en het hoogseizoen. Wil je de drukte wat mijden? Kies dan voor een overnachting in de buurt en spring vroeg uit de veren om het nationale park te ontdekken. De omliggende regio heeft bovendien nog heel wat moois in petto, zeker in de herfst wanneer de bossen hun mooiste kleurenpalet bovenhalen.

Tip: Nikko is groot en telt heel wat kleine en grote tempelcomplexen. Houd er ook rekening mee dat je voor iedere tempel apart moet betalen. Kies dus op voorhand een beetje welke tempels je zeker wil doen als je beperkt bent in tijd of budget.

Bezienswaardigheden in Nikko

Shinkyo brug

Net voor je het nationale park inwandelt, kom je aan de linkerkant de kenmerkende rode Shinkyo brug tegen. Je kan erop mits betaling, maar dat is geld in het water smijten. Het mooiste zicht op de brug heb je gewoon vanop de brug die de hoofdstraat met het park verbindt.

Toshogu Shrine

Een van de mooiste, en daarom meteen ook bekendste schrijn in Nikko is Toshogu. Het complex bestaat uit meerdere gebouwen en vormt de laatste rustplaats van Tokuwaga Leyasu, stichter van de Tokugawa Shogunaat dat in de 16e tot 19e eeuw over Japan regeerde. De gebouwen zijn rijkelijk gedecoreerd met zowel Shinto als Buddhistische elementen, een combinatie die eerder zeldzaam is in Japan. Voor de ingang van het tempelcomplex vind je nog een vijf verdiepingen hoge pagode.

Rinnoji tempel

De grootste en belangrijkste tempel in Nikko is Rinnoji, aan het begin van het nationale park. Toen wij er waren, was het gebouw onder reconstructie waardoor we er niet binnen zijn geweest. Maar naar horen zeggen is het de moeite waard, dus zeker doen eens alle herstellingswerken achter de rug zijn.

Kanmangafuchi en de Jizo standbeelden

Ben je het tempelhoppen even beu, dan vormt Kanmangafuchi een mooie afwisseling. Dit stukje natuur bestaat uit een kleine ravijn van enkele honderden meters waardoor een rivier stroomt. Het pad erlangs is makkelijk te bewandelen en herbergt nog een andere bezienswaardigheid: de Jizo standbeelden. Zo’n 70 Buddha beelden staan in rijen als wachters uit te kijken op de rivier. Jizo is de beschermer van kinderen die vroeger sterven dan hun ouders. Het is de god van de lach, vijand van slechte geesten, hij die de wonden van een moeder die haar kind verloor kan helen en de bewaker van reizigers. De beelden worden vaak aangekleed met rode hoedjes en slabbetje, kleur van de bescherming en veiligheid. Wat er ook van waar moge zijn, fotogeniek zijn ze zeker en hun aanwezigheid geeft net dat tikje magie aan deze plaats.

Lunchen in Nikko

De specialiteit in Nikko en omstreken is Yuba, letterlijk vertaald als ‘tofu skin’.  Deze traditionele tofu wordt gemaakt van de dunne bovenlaag die ontstaat op sojamelk tijdens het maakproces. Deze laag wordt daarna gedroogd en opnieuw bevochtigd waardoor het een rubberachtige structuur krijgt. Wij zijn normaal geen zo’n fans van tofu: het is vaak een smaakloze spons met een caoutchouc-achtige textuur. Maar Yuba vonden we verrassend lekker.

Lunchen deden we bij Kishino (vlakbij de Toshogu Schrine) waar Yuba op het menu staat. Laat je niet misleiden door de souvenirswinkel waarachter dit restaurantje schuilgaat of het ongezellige decor. De omaatjes die dit restaurant uitbaten bereiden namelijk de lekkerste gerechten, ideaal voor een zeer budgetvriendelijke lunch.

Hoe geraak je in Nikko?

Nikko ligt op zo’n 150 kilometer van hoofdstad Tokyo. Met de trein doe je er zo’n twee uur over om er te geraken. Je kan opteren voor de Tobu Express die je rechtstreeks tot in Nikko brengt (en gedeeltelijk door de JR pass gedekt kan worden) of via twee overstappen in Omiya en Utsonomiya. Dat laatste klinkt misschien ingewikkeld, maar het Japanse treinnetwerk zit zo goed in mekaar dat het een fluitje van een cent is. Wij vertrokken ’s ochtends met de eerste rechtstreekse Tobu Express vanuit Shinjuku Station om zo voldoende tijd te kunnen spenderen in Nikko.

Nikko beschikt trouwens over twee treinstations die op een boogscheut van mekaar te vinden zijn. Check dus waar jouw trein vertrekt of aankomt. Toen wij aankwamen, hebben we in beide de uurschema’s voor onze terugrit opgevraagd, erg handig.

Het nationale park waar alle tempels te vinden zijn, ligt op zo’n 30 minuten wandelen van het stationspleintje. Reken op zo’n 5 uur om het meeste gezien te hebben, afhankelijk van hoe snel je je tempelverzadigingspunt bereikt 😉

No Comments

    Leave a Reply